Allemaal #fanfarefan: Een stap dichter bij een erkenning van de fanfarecultuur

In april doorliepen we enkele essentiële stappen in het erfgoedtraject. Zo vind je sinds 1 april de pagina ‘Fanfarecultuur: het fanfareorkest van de Lage Landen’ op de website van immaterieelerfgoed.be. Vervolgens diende VLAMO op 15 april het aanvraagdossier in om de fanfarecultuur ook officieel te laten erkennen als immaterieel cultureel erfgoed op de Inventaris Vlaanderen. Tijd voor een nieuwe update omtrent het erfgoedtraject en de bevindingen die we onderweg opdeden. 

 

Bron: Klankbord nr. 98 mei 2020. Ga naar de pdf-versie van het artikel.

 

De weg naar de aanvraag 

Even recapituleren. VLAMO wil zich als overkoepelende muziekfederatie samen met de fanfares actief inzetten om de fanfarecultuur in stand te houden en te promoten. Waarom fanfares en bijvoorbeeld geen harmonies? Harmonies en fanfares vertonen inderdaad heel wat gelijkenissen, zeker als het gaat om het sociale en lokale aspect. Harmonieorkesten zijn ondertussen echter over de hele wereld te vinden, terwijl het fanfareorkest met zijn typische bezetting, waaronder veel saxhoorns, bijna enkel in België en Nederland bestaat. Fanfares zijn dus niet alleen minder bekend, maar de term 'fanfare' heeft ook af te rekenen met een onterecht negatief imago. Met dit erfgoedtraject wil VLAMO tonen dat de fanfarecultuur leeft en ervoor zorgen dat ze blijft leven. Dit wil natuurlijk niet zeggen dat we geen fan blijven van alle andere muziekgroepen. Integendeel, dit kan het imago van de hele amateurmuziekfamilie alleen maar ten goede komen! Bovendien is het de bedoeling om in de toekomst te bekijken in hoeverre dit erfgoedtraject verder uitgebreid kan worden. 


Eind 2018 zette VLAMO als belangenbehartiger de eerste stappen om de fanfarecultuur te laten erkennen als immaterieel cultureel erfgoed op de Inventaris Vlaanderen. De erfgoedgemeenschap – dat zijn de mensen die het erfgoed beleven, zowel van dichtbij of verderaf – staat centraal in dit traject. Als initiatiefnemer van deze aanvraag moedigde VLAMO mensen aan die bij de fanfarecultuur betrokken zijn om mee te denken en werken: van muzikanten, bestuursleden en dirigenten tot hun publiek en entourage, docenten, componisten en uitgevers. Dit gebeurde aan de hand van onder meer een enquête, rondetafelgesprekken, een werkgroep en diverse oproepen naar o.a. beeldmateriaal. 
Het concrete aanvraagdossier werd tot stand gebracht met hulp van CEMPER en in samenspraak met de werkgroep, bestaande uit leden van verschillende fanfares over heel Vlaanderen, alsook enkele fanfaredeskundigen uit de professionele muziekwereld. 

 

De diverse fanfarewereld vatten in (net geen) 1000 tekens 

Een eerste belangrijke vraag was het bondig beschrijven van de fanfarecultuur. Op basis van de input die we doorheen het hele traject verzamelden, kwamen we tot onderstaande beschrijving. 

"Een fanfare is een orkest met koperblazers - waaronder heel wat saxhoorns, zoals de bugel – saxofoons en slagwerk. Deze orkestvorm ontstond in de Lage Landen en de innovaties van Adolphe Sax, zoals de saxhoorns en de saxofoons, droegen vanaf het midden van de 19e eeuw bij tot de typische bezetting, de unieke klankkleur en het grote succes. Het alomtegenwoordige fanfareorkest maakte het muziekverenigingsleven toegankelijk voor iedereen, en dit sociale aspect kenmerkt de fanfarecultuur tot op vandaag. De fanfare is een plek waar mensen, ongeacht leeftijd, gender of achtergrond, samenkomen om muziek en plezier te maken. Fanfares zijn onlosmakelijk verbonden met het lokale (culturele) leven, maar gaan ondertussen ook internationaal. De fanfarecultuur leeft en blijft evolueren. Concertzalen worden gevuld met nieuw repertoire, de muzikale kwaliteit blijft aan belang winnen door sterker opgeleide muzikanten en dirigenten, en onder jeugdig impuls streven toporkesten naar artistieke perfectie." 

 

Het fanfareorkest van de Lage Landen 

We kozen ervoor om aan de naam ‘fanfarecultuur’ de specificatie ‘het fanfareorkest van de Lage Landen’ toe te voegen, om hiermee de nadruk te leggen op haar oorsprong en bijbehorende typische eigenschappen, zoals de bijzondere bezetting en de daaruit volgende klankkleur. Dit wil echter niet zeggen dat het fanfareorkest enkel binnen onze contreien te vinden is. Hoewel de overgrote meerderheid van de fanfareorkesten zich in België, Nederland en Luxemburg bevinden, werd deze orkestvorm vanuit deze landen reeds naar het buitenland geëxporteerd (bv. Japanse projectorkesten). 

Verder merken we op dat de term fanfare (of anderstalige afgeleiden) ook in andere streken voorkomt, maar daar gebruikt wordt voor andere – vaak minder omlijnde – muziekvormen met andere instrumenten en/of muziekstijlen (bv. balkanfanfares), of gelijkaardige orkesten, maar met een andere of lossere invulling op het vlak van bezetting (bv. in Zwitserland en Frankrijk). Daarnaast ontstaan er in stedelijke gebieden – ook in Vlaanderen – steeds meer ‘straatfanfares’ die verschillende muzikale ingrediënten mengen, denk maar aan de Duitse techno marching band MEUTE. 

 

Waarom is fanfarecultuur vandaag de dag nog zo waardevol? 

In juni 2019 lanceerden VLAMO en CEMPER een bevraging over de hedendaagse fanfarecultuur. De enquête stond open voor iedereen die op de een of andere manier met fanfares in aanraking komt en peilde naar de verwachtingen, opvattingen en waarden van haar respondenten. We ontvingen 306 unieke antwoorden. De 207 respondenten (67,4%) die muzikant waren bij een fanfare vertegenwoordigden samen ongeveer de helft van alle Vlaamse fanfareorkesten. 
De enquête bestond onder meer uit een waarderingsonderdeel waarin de deelnemers gevraagd werden om aan te tonen waarom de fanfarecultuur belangrijk is voor hen, voor de maatschappij en welke aspecten zij hiervan belangrijk vinden. Uit deze bevraging werd duidelijk dat het muzikale, sociale, lokale en maatschappelijke belang met elkaar verweven zijn. 


Ten eerste waarderen de deelnemers de unieke muzikale kenmerken en mogelijkheden van de orkestvorm – zoals haar bezetting en bijbehorend fanfarerepertoire – die zich onderscheidt van andere orkestvormen en onlosmakelijk verbonden is aan onze contreien, maar ook daarbuiten erkenning oogst. Met name de aanwezigheid van saxhoorns (en saxofoons) maakt van de fanfare een unieke orkestvorm die typisch is voor de Lage Landen. De sax(hoorn)familie dankt haar bestaan en naam immers aan de innovatieve Belgische instrumentenbouwer Adolphe Sax. De aanwezigheid van de (zachte) saxhoorns, waaronder de althoorn, bariton, eufonium, (contra)bastuba en zeker de sterk vertegenwoordigde bugelsectie zorgen in combinatie met de andere (scherpe) kopers (trompet, cornet, hoorns en trombones), saxofoons en slagwerk voor de typische klankkleur van het fanfareorkest. 
Vandaag komen nog steeds duizenden amateurmuzikanten in fanfares samen om zich artistiek te ontplooien, in een enerzijds laagdrempelige orkestvorm, die anderzijds door wedstrijden, evenementen en een dikwijls hoog muzikaal niveau, iedereen – van beginner tot beroeps – kan uitdagen om te groeien. 


Ook het sociale, lokale en maatschappelijke aspect dragen bij aan het belang van de fanfarecultuur voor de betrokkenen. In de moderne, drukke, geïndividualiseerde samenleving van vandaag slagen fanfares erin om mensen te verenigen, ongeacht leeftijd, gender of achtergrond. Deze brede vertegenwoordiging van mensen uit alle lagen van de bevolking komt er dankzij het laagdrempelige karakter. Zo mogen muzikanten er hun muzikale vaardigheden en talent gaandeweg ontplooien. Daarnaast is het lidmaatschap bij de meeste fanfares gratis en kunnen instrumenten veelal geleend worden, wat de kosten relatief laag houdt. In tegenstelling tot sportverenigingen is er een grote intergenerationele diversiteit. Het is een groepsgebeuren waar jong en oud zij aan zij aan kunnen deelnemen. 


Dit sociale vangnet, de onderlinge vriendschap en verbondenheid zijn een kostbaar goed. Het samenhorigheidsgevoel wordt versterkt door de muzikale beleving. Het is niet zomaar iets samendoen. De muzikanten halen hun voldoening net uit de gedeelde muziek-technische uitdaging om sterke muzikale prestaties neer te zetten en het bereiken van een goed muzikaal samenspel. 


Naast de verbindende – en ontspannende – kracht van het samen musiceren binnen de vereniging, biedt de fanfarecultuur ook daarbuiten de mogelijkheid om mensen, veelal publiek bestaande uit zowel trouwe fans en supporters als buurtbewoners en toevallige passanten, met elkaar in contact te brengen. Omdat de muzikale opvoeringen in het openbaar, zoals lokale culturele centra, kerken en op straat gebeuren, brengen fanfares muziek en dus ook cultuur naar mensen die er niet altijd zelf naar zoeken. Fanfares maken cultuur- en muziekbeleving toegankelijk, en faciliteren en bevorderen zo de (lokale) cultuurparticipatie. Muziek is immers een universele taal die mensen, los van hun verschillen, kan verbinden. Het lokale en cultureel-maatschappelijke belang uit zich ook in de deelname aan optochten, feesten en andere evenementen. Fanfares vormen zo een onmisbare, gemeenschapsversterkende schakel in het lokale (culturele) leven. 

 

Wat gaat goed, wat gaat minder goed? 

In de enquête polsten we verder naar wat er goed gaat en wat er minder goed gaat, zowel intern als extern. Met de resultaten kon een SWOT-oefening gemaakt worden om de sterktes, zwaktes, kansen en bedreigingen van de fanfarecultuur in kaart te brengen. Die konden we vervolgens aftoetsen en verfijnen tijdens vijf provinciale rondetafelgesprekken. Die focusgroepen dienden als feedback- en discussiemomenten, en tegelijkertijd als infosessies omtrent immaterieel cultureel erfgoed en de geplande aanvraag. Daarna ging de ook werkgroep hier verder mee aan de slag.

Onderstaand overzicht geeft een beknopt overzicht weer van deze SWOT-analyse.

Wat loopt er goed?

Wat loopt er minder goed en vormt dus een interne uitdaging?

 

De fanfarecultuur leeft, wordt doorgegeven van generatie op generatie, is ingeburgerd in onze cultuur en (lokaal) verankerd in onze samenleving.
 

De fanfarecultuur evolueert en is dynamisch: het repertoire en het muzikaal niveau van muzikanten en dirigenten winnen aan kwaliteit
(o.m. dankzij de opleidingsmogelijkheden in het DKO).

 

Fanfares zetten in op verjonging via eigen jongerenwerking en/of (samenwerking met) muziekopleiding.

 

Muzikanten voelen zich gewaardeerd in hun fanfare en worden verbonden door een groepsgevoel.
 

Fanfares hebben typische muzikale kenmerken, een unieke bezetting en identiteit.

 

Een tekort aan betrokkenen, een daling van het engagement en de vergrijzing van fanfares, niet enkel bij muzikanten maar ook bij het publiek, dat redelijk beperkt en “vast” (entourage) is.
 

Fanfares kampen met een gebrek aan nieuwe en kwaliteitsvolle fanfaremuziek, m.n. specifiek geschreven voor fanfares en werken voor alle niveaus, wegens o.a. klein afzetgebied, tekort aan kennis over + grote variatie binnen bezetting.

 

Tekort aan spelers van typische fanfare-instrumenten, cf. muziekscholen.

 

Diversiteit is een pijnpunt: fanfares hebben moeite met het betrekken van specifieke doelgroepen, zoals jongeren en – net als het brede culturele veld – cultureel diverse groepen.

 

Kansen?

Externe bedreigingen?

 

Het onderzoeken en aanboren van bestaande en nieuwe samenwerkingen tussen fanfares en besturen onderling (bv. delen van goede praktijken), of met andere culturele actoren of (andere) sectoren (bv. bedrijfsleven, lokale overheden, onderwijs), internationaal.

 

Het actief betrekken van jeugd via sociale media, samenwerkingen en opleidingen.
 

Een betere wisselwerking tussen fanfares en (muziek)scholen, i.f.v. kwalitatieve opleiding van fanfaremuzikanten, doorstroming van DKO naar het verenigingsleven (levenslang musiceren).

 

Het bestaande publiek verbreden via nieuw repertoire, innovatieve projecten en concertvormen om zowel intern als extern een breder publiek aan te trekken.
 

 

Mensen leiden een druk (vrijetijds)leven, en zijn (hierbij) vaak minder lokaal verankerd of bekend met fanfares en hun cultuur.

 

Onbekend is onbemind: er heersen misvattingen over het begrip “fanfare”, deze levende praktijk en haar kwaliteiten zijn bij het brede publiek niet of onvoldoende gekend.

 

De fanfare en haar cultuur hebben een negatief imago. De media geven weinig aandacht aan fanfares of creëren een foutief oubollig en karikaturaal beeld.

 

Het bestaande aanbod in muziekopleidingen, infrastructuur (of de afwezigheid ervan) en maatschappelijke veranderingen (bv. individualisering en urbanisering, dichter op elkaar wonen) gaan niet altijd samen met de fanfarewerking.
 

Fanfares struikelen over politieke, administratieve en financiële blokken, bv. beperkte financiële en logistieke ondersteuning door de lokale en bovenlokale overheid, kosten en papierwerk verbonden aan een vzw-werking, auteursrechten etc.

Vanuit de noden die binnen de erfgoedgemeenschap gedetecteerd konden worden, formuleerde de werkgroep vervolgens borgingsacties waarop ze de komende jaren wil inzetten om een levendige toekomst te verzekeren voor de fanfarecultuur. Wordt dus vervolgd. 

 

De volgende stap? 

Na de aanvraag onderwerpt het cultuurdepartement ons dossier aan een ontvankelijkheidstoets, om te zien of de aanvraag voldoet aan alle voorwaarden. Daarna buigt een groep van experten zich over de aanvraag. De minister van Cultuur neemt tot slot een beslissing op basis van het advies van de expertencommissie om het immaterieel cultureel erfgoed al dan niet op de Inventaris te plaatsen. Die beslissing wordt uiterlijk genomen op 1 juli.